Ruimte

wsunsplash_526360a842e20_1Als je het niet aan kan om weer iets over katten te lezen, mag je het intro overslaan en bij de tweede alinea beginnen ;) Ik had ooit een poes genaamd Poppy. Het was de liefste poes die ik ooit gehad heb. Ze werd geboren in een asiel en mocht toen met mij mee naar huis. Een grote, tot woonhuis omgebouwde schuur met 5 hectare land in the middle of nowhere. Een kattenwalhalla waar ze elke dag op een ander plekje kon schijten en verse muisjes geen zondagstreat waren. Anyway omdat Poppy vrij toegang had tot mijn slaapverdieping en me daar al menig nacht bezig had gehouden met haar gespeel en kattenkwaad zocht ik naar een andere oplossing om haar ‘s nachts te laten slapen. Ik ben een beetje gevoelig als het gaat om slaap namelijk (Hans zegt dat ik gevoelig ben. (full stop) Het enige afgesloten vertrek in mijn schuur wat het halletje van 90×90 cm en de douche maar dat leek me niet slim omdat de kans bestond dat de douchebak zou gebruiken als…. Het werd dus het halletje. Een kattenbak met daarop een kiwi doos en dat was haar slaapplekje ‘s nachts. Je zou denken dat ik haar daar met geen verse vis toe kon verleiden daar te gaan liggen, maar daar heb je het mis. Elke avond stond ze op als ik zei ‘ kom Poppy we gaan naar bed’ om vervolgens het halletje in te huppelen en in haar kiwi doos te gaan liggen. Dat was haar veilige ruimte. (Iedereen kan weer aanhaken, het verhaal van Poppy de poes is ten einde ;) )

Dit blog gaat over veiligheid /ruimte. Het is de eerste van een reeks van vier blogs dat ik zal schrijven over wat ik in mijn vak noem ‘het ontwikkelingsschema’. Dit OWS bestaat uit vier kwadranten en geeft een inzicht in onze ontwikkeling. Veiligheid kan je zien als de basis voor alles dat daarna komt. De fundering van je huis moet stevig zijn om vervolgens verdiepingen en dakkapellen te bouwen. Hoe zit dat dan precies?

Als kind groei je in de meest veilige plek op aarde, namelijk je moeders buik. Helaas kan je daar niet voor altijd blijven en eenmaal geboren, wordt je vaak nog best lang gedragen. Gezellig tegen de borst van iemand die je vader is en je moeder. Die grote handen onder je kontje en de ondersteuning van je hoofdje voelen super veilig en je hebt het ze vergeven dat je uit die buik moest. Eenmaal weken op de borst gedragen wil je wel eens wat meer zien en begint te draaien. Of zoals ik het meestal zeg: in schoot, op schoot en van schoot. Kinderen houden vaak je been nog vast bij de eerste stappen en zoeken steun bij je broekspijp tot ze ergens iets zien dat nog veel leuker is en ineens lopen ze de ruimte in. Halverwege vertwijfeld omkijkend of hun veilige mens er nog is. Is dat het geval dan rennen ze nog wat verder en zo verkennen ze de wereld (de ruimte) om hun heen. Voelen dat je gedragen wordt, letterlijk en figuurlijk, dat de persoon die je eten geeft en lieve dingen zegt er altijd voor je is, je veel aangeraakt bent, geknuffeld en gekust, je altijd terug kan keren naar die veilige plek en je daar welkom bent, is wat ik je basisveiligheid noem.

Is het altijd zo perfect en rooskleurig als ik het hier beschrijf? Echt niet. Is dat erg? Soms. Laat ik mezelf nemen. Mijn moeder zat in een mega verbouwing toen ik op komst was en volgens mij was er weinig tijd om echt leuke dingen met me te doen (zwangerschapsyoga bestond toen nog niet). Wel luisterde ze altijd naar klassieke muziek met mij om me rustig te krijgen en dat werkt nu nog. Daarna zat ik vast bij de geboorte en was zo blauw als een tientje (nu heeft dat een andere betekenis overigens) dus terug die buik in was geen optie voor mij. Hoezo veilig? Een druktemaker was ik toen ook al en dus heb ik de fase van schoot in 1 grote sprong gemaakt waardoor opvangen niet altijd lukte dus zoals de meeste kinderen hebben mijn ouders mij wel eens laten vallen. Kleine safety issues waren er dus wel maar ondanks dat was mijn moeder er wel altijd voor me. Hand in hand lopen met mijn vader voelt nu nog steeds net zo vertrouwd als toen. Tot zover mijn fundering.

Ik noem die kleine safety issuus ook wel eens gatenkaas. In elke fase van ontwikkeling (4) vallen wel eens gaten. Hoe goed ouders het ook proberen te doen, perfect is het nooit. Dat kan ook niet want ook onze ouders weten niet alles en hebben soms zelf dingen gemist in hun jeugd / ontwikkeling. Meestal vullen die kleine gaten zich vanzelf door mensen die we later leren kennen en ervaring die we op doen. Echter als er in het prilste begin grotere gaten zijn gevallen kan het zijn dat deze blijven bestaan. Denk aan bijvoorbeeld een moeder die na de geboorte van haar kind ziek wordt en de zorg voor haar kind moet overgeven aan een gezinshulp of grootouders. Hoe lief ook, het is niet je moeder. Laat staan kinderen die geboren worden in andere delen van de wereld waarvan de moeder sterft en het kindje alleen te eten krijgt en verder niks. De stukjes die je dan mist, zijn soms te groot en vullen nooit helemaal op. Je leert er mee leven.

Je fundering is waar je later je eigenheid door kan ontwikkelen. Als je voelt dat je veiligheid kent, je weet waar je altijd naar terug kan komen, ongeacht wat je ook doet er van je gehouden wordt dan het je een eigen veilige ruimte waar je mag bestaan. Vanuit die ruimte ga je verder bij de schoot van je moeder vandaan lopen, je gaat bewegen en ontdekken wie je bent. Daarover volgende keer meer. Vandaag komen mijn ouders op bezoek. Hoe oud ik zelf ook ben, als zij er zijn ben ik weer kind. Er waren jaren dat ik me daar tegen verzette, maar eigenlijk is het ook wel fijn om weer kind te zijn. Dat voelt wel veilig.